STUDIO

Onze virtuele studio is een verzamelplaats voor artikels, analyses en andere architectuur gerelateerde producties van SCALE.

MODERnisme in de Architectuur

Een korte geschiedenis

Als eerste project organiseert Scale een tentoonstelling over modernisme in Hasselt. Dit om het modernistisch erfgoed in Hasselt extra in de verf te zetten. Als introductie geven wij aanvullende informatie over wat modernisme juist inhoudt. Het modernisme fungeert als een vernieuwende stroming die zich afzet tegen de bestaande traditionele opvattingen. Dit als een weerspiegeling van de gemoderniseerde, industriële maatschappij. De geboorte van modernistische architectuur in België ligt in de eerste helft van de 20ste eeuw.

De Eerste Wereldoorlog laat ons land verminkt achter, waardoor het hoog tijd werd voor een optimistische vernieuwing. Een nieuwe stroming werd geïntroduceerd. Een stroming gebaseerd op functionaliteit en een zoektocht naar een oplossing voor de crisis. 

Charles-Edouard Jeanneret-Gris, beter bekend als Le Corbusier, is de grondlegger van het modernisme in West-Europa. In ‘Vers une Architecture’ verzamelt Le Corbusier essays waarin hij het concept van moderne architectuur kadert. Het kan gezien worden als de bijbel van modernistische architectuur. In deze essays verklaart Le Corbusier dat hij huizen ontwerpt als woonmachines, waarbij hij zijn bewondering uitdrukt voor een heldere en duidelijke vormentaal van de moderne machine. Deze ideeën zijn te herkennen in het enige resterende gebouw in België van Le Corbusier, Maison Guiette, te Antwerpen. La machine à habiter, zoals hij het zelf noemt, werkt als een goed functionerend apparaat om in te wonen. Glas, beton en staal vormen de hoofdelementen om deze nieuwe architectuur te realiseren.

Foto: administratieve centrum Hasselt Pauline Poelmans

Naast architectuur werden ook utopische steden voorgesteld vanuit de ideologie van verbetering en vernieuwing. Stedenbouw werd een nieuw soort fenomeen. Le Corbusier focuste zich in zijn latere jaren hoofdzakelijk op stadsplanning. De steden veranderden in getto’s waarin de leefbaarheid sterk afnam. Le Corbusier pleit voor het verwijderen van deze ‘getto’s’ en het starten vanuit een tabula rasa. Met een idealistische kijk op de nieuwe stad ontwikkelt hij nieuwe uitgangspunten namelijk: licht, lucht en groen, die voor sociale veranderingen in de stad moeten zorgen. Op de herkenbare beelden van zijn utopie ‘Ville Radieuse’ uit 1930, denkt hij de volledige historische stad van Parijs weg en plaatst er een nieuwe laag van gigantische, herhalende gebouwen. Met als doel een betere samenleving te bereiken.

Le Corbusier, maar ook andere bekende modernisten, verspreidden hun ideeën van de functionele stad in zogenaamde CIAM’s (Congrès Internationaux d’Architecture Moderne). Dit was een groot internationaal platform in de eerste helft van de 20ste eeuw dat zorgde voor een interessant architectuurdebat. Dit platform bestond van 1928 tot 1959. Er werd vooral overeengekomen dat ‘moderne’ architectuur en stedenbouw gerelateerd moeten worden aan de politieke en economische realiteit. De nadruk lag op wonen, werken en de integratie van recreatieve elementen in de woonomgeving.

 

Foto Administratief Centrum Hasselt: Pauline Poelmans

In België bracht dit eveneens grote veranderingen met zich mee op vlak van architectuur en stadsontwikkeling. De CIAM conferentie in 1930 legde de nadruk op bouwen in de hoogte in plaats van de toenmalige tuinsteden. Zo werd Arch. Huib Hoste als vertegenwoordiger van het Belgische modernisme gezien. Maar ook nog vele anderen zoals Henry van de Velde, J. Lampens, Renaat Braem, Isia Isgour, Lucien Kroll en L. Stynen opteerden resoluut voor het Modernisme. Léon Stynen raakte geïnspireerd  door Le Corbusier na een ontmoeting in Parijs in 1925 en verdiepte zich verder in de rechtlijnige architectuur. Hij werd een van de meest gerenommeerde architecten voor woningbouw van de rijke middenklasse in de omgeving van Antwerpen.

Daarnaast werd mede de ontwikkeling van de Belgische steden sterk beïnvloed door het modernisme. Waarbij schaal een belangrijk begrip is. Vanaf de jaren ‘60 kwam er een grote verandering binnen de stedelijke context. Voor het eerste werden er conservatoria, cultureel centra, provinciale bibliotheken en dergelijke culturele publieke plekken opgericht. De inpassing van deze grootschalige gebouwen in steden zorgde voor een schaalverandering, mede door de fusies van gemeenten. De steden en zelfs het stedelijk netwerk ondergingen een grootschalige evolutie, de daarbij horende architectuur transformeerde mee. 

 

Foto administratieve centrum Hasselt: Pauline Poelmans

ONS HASSELTSE PATRIMONIUM

Het oud Administratief Centrum is een herkenningspunt voor elke Hasselaar. Het modernistisch gebouw kwam twee jaar geleden leeg te staan na een geslaagde tijdelijke invulling van De Serre. Het iconische gebouw dat in de jaren 60 ontworpen werd door architect/ kunstenaar Louis Ghysebrechts, is één van de belangrijkste voorbeelden van modernistisch en brutalistisch erfgoed in België. “Strippen of Slopen”, verklaart het stadsbestuur in de recente aankondigingen voor een nieuwe cultuursite in de kern van Hasselt.

Hasselt heeft het.
Het oud administratief centrum is slechts een onderdeel van de rijke verzameling modernistische gebouwen die Hasselt bevat. Bekende modernistische architecten zoals Huib Hoste, Lucien Kroll en Léon Stynen drukten ondeandere hun stempel op Hasselt. Ze boden een antwoord op een economische en demografische schaalvergroting die zich in de naoorlogse periode voordeed. Deze modernistische architecten volgden het principe ‘form follows function’ waarbij zuiverheid van vorm, constructie en het wegvallen van ornament centraal staan. 

Deze brutalistische gebouwen worden jammer genoeg vaak als ‘zielloos’ ervaren. Maar dankzij de functionele en rationele planopbouw worden deze gebouwen als duurzaam aanzien. Ook projecten zoals de generale bank (Jaspers), Z33 (G. Daniëls met uitbreiding van Francesca Torzo), De Bonnefant (A2O) leren ons dat de kwaliteit van die bestaande architectuur inzetbaar is voor een nieuwe functie.

Dit bewijst dat we moeten inspelen op hergebruik van de functionele en ruimtelijke kwaliteiten van deze architectuur om zo afbraak te vermijden.

Foto: stadsarchief Hasselt

Hasselt had het.
Bij de sloop van het modernistische HBVL gebouw verdween er in 2016 reeds iconische architectuur. De vooruitstrevende functionaliteit en openheid van dit gebouw was revolutionair voor zijn tijd. De vergeefse oproep van de architectuurwereld voor het behoud van dit erfgoed leidde tot een tabula rasa van de projectsite. 

 

Foto: Arch. Louis Ghysebrechts

Hasselt, hergebruik het.
Het oud administratief centrum is een herkenningspunt voor elke Hasselaar. Het gebouw kwam twee jaar geleden leeg te staan na een geslaagde tijdelijke invulling van De Serre. Dit stimuleerde de (terechte) bezorgdheid van de architectuurwereld over het behoud en het beheer van Hasselts erfgoed. “Strippen of slopen”, verklaart het stadsbestuur in de recente aankondigingen voor een nieuwe cultuursite in de kern van Hasselt. Er werd reeds een subsidie-aanvraag ingediend bij het fonds voor culturele infrastructuur van de Vlaamse gemeenschap voor 8,5 miljoen euro. Helaas is de kans reëel dat de subsidies zullen gebruikt worden voor de afbraak van dit cultureel patrimonium. Dit zou resulteren in het verlies van belangrijk brutalistisch erfgoed.

Voorkom een herhaling van de geschiedenis en behoud modernistische architectuur. Laat de financiële factor niet bepalend zijn bij deze waardevolle herbestemming tot cultuurhuis.

 

JuliAAn Lampens

De grondlegger van het modernisme in België

Juliaan Lampens (1926-2019), een van de bekendste Belgische architecten, ontwikkelde zijn typerende bouwstijl door het veelvuldig gebruik van de materialen beton en hout. Zelf hield hij er niet van zijn architectuur te benoemen. Hij beschreef zijn architectuur liever als gewoon, maar dan wel op een buitengewone manier. De kapel van Kerselare (‘66), Huis Vandenhaute – Kiebooms (‘67), de bibliotheek in Eke (‘70) en Huis Van Wassenhove (‘74) zijn maar enkele van zijn bekendste werken in zijn uitgebreide oeuvre. 

Ambacht van het tekenen en materialiseren
Juliaan Lampens geloofde enorm in de artistieke waarde van architectuur. Hij staat bekend om zijn oog voor detail, zijn voortdurende zoektocht naar puurheid van materialisatie en zijn nauwkeurige afwerking. Deze buitengewone aandacht voor het architectuurdetail is duidelijk te zien in zijn werkwijze. Lampens’ archief puilt uit van schetsen gaande van onderzoekende ontwerpschetsen tot indrukwekkende uitvoeringstekeningen op ware grootte. Lampens’ architectuur kan zelfs gezien worden als een kunstwerk op zich. Er is steeds een zeer interessante wisselwerking tussen binnen en buiten waarbij er veel aandacht gaat naar de overgang hiertussen. 

Woning van Wassenhove 
Woning van Wassenhove is een typisch modernistisch kunstwerk van Lampens. Het gebouw is gemaakt van onbewerkte en “eerlijke” materialen: beton, hout en glas. De indeling van de woning bestaat niet uit een opeenvolging van kamers, maar laat alle woonfuncties in één open ruimte in elkaar overvloeien. Hij maakt gebruik van eenvoudige, geometrische volumes om hierin de functies een eigen sfeer te geven. 
Het koude, betonnen oppervlak (met houtnerf van de bekisting) staat in contrast met de warmte van het hout en het spel van invallend natuurlijk licht. Het is belangrijk om te beseffen dat Lampens’ architectuur niet braaf de regels van het modernisme volgt. Hij concentreerde zich volledig op betonarchitectuur en ontwikkelde een zeer eigen stijl. 

Herdefiniëren 
Met zijn residentiële projecten herdefinieert Lampens het wonen. In plaats van het traditionele gedachtegoed van elke functie een aparte ruimte te geven, laat hij alles organisch in elkaar overvloeien. Dit door ingrepen zoals het introduceren van geometrische elementen en het strategische plaatsen van (zelf ontworpen) meubelstukken. 

“Zijn architectuur gaat verder dan het gewone, traditionele leven. In plaats van het leven in dozen te laten afspelen, zoekt hij naar een manier van leven zonder grenzen.” 

Dit vernieuwende inzicht is het resultaat van het volledige uitpuren van de essentie van het wonen: ‘Mensen moeten mét elkaar leven’. Naast deze focus op het functionele en de vernieuwing binnen architectuur is de consequente keuze van nieuwe bouwmaterialen en technieken kenmerkend voor het modernisme. Ook de keuze voor betonarchitectuur is radicaal. Door niet enkel het gebouw zelf hieruit op te trekken, maar ook meubelstukken in dit materiaal uit te voeren, zorgt het doortrekken van deze materialiteit voor een strak en sober geheel.

Galerij